Edwin Vennik Zwolle

Edwin Vennik, een schipperskind

 

Rustig vaart het schip de Partout stroomopwaarts op de Rijn. Edwin hoort het vertrouwde geluid van de motoren. De kachel brandt en Edwin zit met ma in de roef. Zij zit te naaien, pa staat aan het roer en Edwin speelt wat op de grond met auto’s. Hij is een kleuter en hoeft daarom nog niet naar school en het internaat. Zijn broers Johan en Bert zitten nu op school. Hij verlangt ernaar om ook naar school te gaan. Het is vertrouwd en gezellig in de roef, maar hij mist de levendigheid, die zijn broers met zich meebrengen.

 

Schipperskind

 

Edwin werd geboren op de Partout in 1970 en groeide op als jongste in een schippersgezin. Zijn ouders hebben vier schepen gehad en telkens noemden ze het schip Partout. Het is Frans voor overal: met het schip kom je overal. Zijn vader en moeder voeren als zelfstandig ondernemer op een binnenvaartschip. Ze vervoerden allerlei vracht: graan, kunstmest of grind. De kinderen moesten als ze zes jaar waren naar school en waren door de week aan wal op het schippersinternaat aan de Palestrinalaan in Zwolle.

 

Opgroeien op een internaat betekende voor de ouders de kinderen jong loslaten. Het betekende voor Edwin Vennik, dat je ouders er nooit bij zijn op speciale momenten. Toen hij op school een beertje in elkaar had geknutseld, kon hij dat niet direct thuis laten zien dat is verdrietig. De andere kinderen werden opgehaald door hun moeder en konden wel direct laten zien wat ze gemaakt hadden. Hij miste het dat zijn ouders niet konden zeggen dat ze trots op hem waren. Toen hij met school de avondvierdaagse liep wist hij dat zijn ouders niet op de laatste avond bij de finish zouden staan met een bloemetje. De andere klasgenoten werden wel opgewacht door hun ouders. Het is voor de ouders, maar ook voor de kinderen een groot gemis.

Edwin Vennik Zwolle

Gezin Edwin Vennik

 

Edwin Vennik heeft twee oudere broers: Johan is zes en een half jaar ouder en Bert ruim drie jaar. Edwin wilde graag naar het internaat, omdat hij de gezelligheid van zijn broers miste. Voor Johan was het anders, hij ging naar het internaat toen er een klein broertje kwam. Het regime was streng: als je bordje nog niet leeg was en het was tijd voor het toetje, dan werd de yoghurt zo over het eten geschonken. Hij was bij de nonnetjes. Later toen Edwin naar het internaat ging was het al wat meer kindvriendelijk.

 

In het weekend gaan de broers vrijdag na schooltijd meestal met de trein naar de plaats waar hun ouders liggen. Ze herkenden het schip aan de vlaggenmast en vaak lag het schip wel bij bevriende schippers. Zondag brachten hun ouders ze vaak met de auto terug naar het internaat. De ouders van Edwin Vennik werkten niet op zondag, want ze gingen meestal naar een kerk. Ook als ze in het buitenland waren bezochten ze Nederlandse diensten. Edwin heeft daardoor veel kerken gezien. Hij heeft geen lange concentratieboog, dus heeft hij niet veel opgestoken van de verhalen. Wel weet hij hoe de gebouwen eruit zien. Je moet ergens in geloven want dat kan zekerheid geven en dan is het belangrijk voor je.

 

Lees verder…